Serge Berten

Serge Berten (geboren in Menen op 13 juli 1952) was een Vlaamse Scheutist. Hij werd op 19 januari 1982 op straat in de hoofdstad Guatemala brutaal ontvoerd door paramilitairen. Sindsdien is er geen nieuws meer.

Serge Berten

Biografie

Serge was de oudste van vier broers, geboren in het landbouwersgezin van  Roger Berten en Agnes Parret.

In het Sint-Aloysiuscollege in Menen liep hij 12 jaar school, vanaf het eerste studiejaar tot het laatste jaar humaniora Latijns-Grieks.

Hij was actief in de leiding van de KSA jeugdbeweging in Menen en in CM vakantiekampen voor kinderen.

Tot verrassing van zijn ouders koos hij na zijn zesde jaar humaniora voor de missionaire congregatie van Scheut (CICM).  Na één jaar filosofie bij Scheut ging hij 3 jaar maatschappelijk werker studeren aan de sociale hogeschool IPSOC (nu VIVES)  te Kortrijk. Hij studeerde daar samen met Ward Capiau. Serge verliet België begin 1975 om zijn seminaristenstage binnen de congregatie van Scheut in Guatemala te voltooien. Hij kwam terecht in de zuidelijke kuststreek. Zijn opdracht luidde: “vorming van plaatselijke leiders die met hun basisgemeenschappen zoeken naar socio-economische vooruitgang; coördinatie van bestaande basis gemeenschappen en vorming van nieuwe basisgemeenschappen”. Daar werd hij geconfronteerd met de mensonwaardige toestanden op de katoen- en suikerriet plantages, gevolg van mensonterende uitbuiting en onderdrukking van de arme landarbeiders en inheemse seizoenarbeiders  door de grootgrondbezitters. 

Zijn keuze

Geïnspireerd door de Bevrijdingstheologie, koos Serge  radicaal de kant van ‘la gente común en el campo‘, ’t gewoon volk op het platteland, zonder er veel grote woorden en theorieën aan te verspillen. Op 15 september 1980 legde Serge zijn eeuwige geloften af. Zo werd hij een volwaardig lid van de congregatie van Scheut. Het was ook zijn uitdrukkelijke wens  om zijn engagement verder te zetten binnen de congregatie van Scheut en als scheutist mee te stappen in het historisch proces van het Guatemalaanse volk: “de strijd voor bevrijding en een rechtvaardige en broederlijke samenleving”, naar het voorbeeld van de toen reeds vermoorde confrater Walter Voordeckers (+12 mei 1980).

Met zijn basiswerk legde Serge mee de grondslag voor de oprichting van het CUC (Comité voor Boereneenheid), dat landarbeiders in de zuidkust en indiaanse boerengemeenschappen verenigde in hun strijd voor betere levensomstandigheden en een hoger loon. Toen een massale staking onder impuls van het CUC in april 1980 een lichte verhoging van het dagloon afdwong, werd de repressie harder en harder. 

Repressie

Onder het bewind van generaal Romeo Lucas García (1978-1982) kwam de repressie tegen de volksorganisaties in een stroomversnelling. Het CUC als nationaal gestructureerde vakbond van de landarbeiders, werd vogelvrij verklaard. Het politiek klimaat in Guatemala werd zo repressief dat het onmogelijk bleek om mensen nog openlijk bewust te maken van de oorzaken van hun armoede. Zoals vele van zijn Guatemalteekse vrienden herkende Serge zich in de strijd van het gewapend verzet en sloot hij zich aan bij de EGP (Guerrillaleger van de Armen), waar hij verantwoordelijk was voor de vorming en organisatie van leidinggevende kaders.

In de zomer van 1981 kwam Serge voor een laatste keer naar België. Toen zijn familie vroeg om thuis te blijven, moest Serge hen ontgoochelen: er was nog zoveel te doen in Guatemala, hij kon zijn volk, zijn vrienden, niet in de steek laten. In zijn allerlaatste brief van 16 december 1981 vertelde hij dat er veel mensen doodgeschoten werden. Dat kwam door de verkiezingen die zouden beginnen, zei hij. 

Vanaf het ogenblik dat Serge terugkeerde van zijn laatste vakantie in België, leefde hij in Guatemala vooral ondergedoken en werkte, zoals hij het zelf noemde, aan een soort “clandestiene pastoraal”.

Ontvoering

In de eerste dagen van januari 1982 werd het duidelijk dat het leger actief op zoek was naar Serge. En dan kwam 19 januari. Samen met twee Guatemalteekse compañeros werd Serge Berten brutaal ontvoerd. Wat daarna gebeurde kunnen we alleen vermoeden. Ze zouden overgebracht zijn naar de Escuela Politecnica die toen dienst deed als hoofdkwartier voor de folterpraktijken van het leger in Guatemala hoofdstad. Serge’s lichaam werd nooit teruggevonden. De politieke en militaire leiders in Guatemala ontkenden elke betrokkenheid. Ook in België zweeg de regering om politieke bestwil. Het toenmalig CVP boegbeeld Leo Tindemans was in die periode minister van Buitenlandse Zaken.

Rechtszaak

De families Berten en Voordeckers dienden op 25 januari 2001 een klacht in met burgerlijke partijstelling bij het parket in Brussel. Daarmee vroegen zij een gerechtelijk  onderzoek naar de moord op Walter Voordeckers en de verdwijning van Serge Berten, respectievelijk op 12 mei 1980 en 19 januari 1982. Deze klacht werd ingediend op basis van de toenmalige ‘genocidewet’ die stelt dat gedwongen verdwijningen en moorden misdaden tegen de mensheid zijn, voor zover deze kaderen in een politiek van systematische repressie tegen de burgerbevolking. Ook de familie van Ward Capiau, die vermoord werd op 22 oktober 1981, sloot zich als burgerlijke partij aan bij de vraag naar een gerechtelijk onderzoek.

De familieleden willen dat de daders ter verantwoording worden geroepen, vervolgd en veroordeeld worden voor deze feiten. Met dit initiatief willen zij ook hun solidariteit betonen met de tienduizenden Guatemalteekse slachtoffers die vielen tijdens de burgeroorlog en in de periode erna.